Ingrediënten

  • 2 sneetjes brood
  • 30 g boter
  • 5 jeneverbessen
  • 4 eetlepels appelwijnazijn
  • 4 eetlepels appelsap
  • 1 theelepel mosterd
  • 1 theelepel mosterd
  • 2 theelepels mierikswortel (potje)
  • Peper en zout
  • 6 eetlepels olie
  • 400 g rode bieten (geschild en gekookt)
  • 4 eetlepels bieslook
  • 125 g slamengeling
  • 1 grote Kanzi® appel (ongeveer 220 g)
  • 200 g gerookte forelfilet

Kookinstructies

  1. Snijd het brood in kleine blokjes. Laat de boter schuimen in een pan, plet de jeneverbessen grof in een vijzel en sauteer ze even in de pan. Voeg het brood toe en rooster tot het goudbruin en knapperig is en schud ze regelmatig. Verwijder de croutons en laat ze afkoelen.
  2. Meng de azijn, het appelsap, de mosterd, mierikswortel, zout, peper en olie. Snijd de rode bieten in blokjes van 1 cm. Meng de bieslook met de helft van de vinaigrette en kruid af met zout en peper. Was de slabladeren en zwier ze droog. Meng de sla met de rest van de vinaigrette.
  3. Was de appel en wrijf hem droog. Snijd hem in vier en verwijder de zaadjes. Snijd deze stukken in de lengte in dunne sneetjes en meng die met de rode biet.
  4. Dien de sla op op 4 bordjes. Plaats de mengeling van appel en rode biet erop. Snijd de forelfilet in stukjes en verdeel ze over de borden. Besprenkel met de croutons met jeneverbessen.

Tip: Als je niet wil dat de appelschijfjes bruin worden, dan kan je ze mengen met de sla.